You are currently browsing the tag archive for the ‘kangoeroe’ tag.
In een ver verleden was dit een slogan van de NMBS. Ik heb nooit echt begrepen waar je dan in zat, behalve in de trein en in de ochtendspitsdrukte. Maar hier heeft die slogan wel iets te betekenen! Je stapt in de auto, en je zit midden in Australië. Je moet er nog niet eens ver voor rijden. Deze kleine kangoeroe zagen we langs de kant van de weg, nog geen kilometer van de boerderij!
Ik weet niet of er een tv-programma bestaat als “Animal Rescue Australia”, maar als het zo is, waren ze vanochtend op de verkeerde plaats. Ze hadden nl. hier moeten zijn
In een vorig bericht vertelde ik al over de kangoeroe die Heidi zo gek maakte. Dezelfde dag hebben we hem alleen nog maar van ver gezien, maar gisteren was hij er terug. Hij stond in de kreek en deed niet veel, behalve angstig kijken naar de hond. We dachten dat er iets mis was met hem, want weglopen kan toch ook niet zo moeilijk zijn als je over zo’n stel flinke stappers beschikt, maar goed.
Vanochtend zelfde verhaal: kangoeroe in de kreek, Heidi helemaal wild. Maar deze keer huppelde Skippy wel weg toen we eraan kwamen. Niks mis met onze springende vriend dus, tot we de hoek omkwamen en Heidi naast de kangoeroe zagen staan, aan de oever van het vijvertje. De kangoeroe bewoog niet echt meer. Bij nader inzien bleek hij geen opvallende verwondingen te hebben en nog te ademen. Misschien gewoon in shock?
In elk geval: kangoeroe in de laadbak, hondjes aan de lijn en wij naar achter in een wei verderop in de straat. Toen de auto stopte leek de kangoeroe al wat bekomen en toen hij zich weer op de begane grond bevond, deed hij zelfs weeral een poging om te zitten. Die kon dus wel weer verder. Animal Rescue Austrlia: score!
Gisteren zijn we trouwens naar Perth gereden, naar de douane, om daar eindelijk het diepvriessperma van Totilas op te halen. Totilas, u weet wel, de beste dressuurhengst ter wereld. Eén van de slechts zes merries in heel Australië die volgend jaar een baby-Totilasje op de wereld gaan zetten is van Dolly en dus moesten we de benodighdheden gaan oppikken.
Na de zenuwslopende check van de veearts – kijken op het nummer op de strootjes overeen komt met dat op de bijgeleverde documenten – kon de dop weer op de bus vloeibare stikstof en toen was het wachten. De originele documenten waren kwijt en zonder mochten we niet vertrekken (of toch alleszins niet mét de waardevolle lading). Veel vijven en zessen later bleek dat de knul van de transportservice de papieren mee terug had genomen. Na een half uur of zo Perth-spitsuur kwam hij er aan met de documenten en niet veel later waren wij dus weg.
Ik op de achterbank, naast de kleine schat en wij zo naar de dierenkliniek waar ze alles hebben opgeslagen in zo’n grotere bus vloeibare stikstof en waar het dus kan wachten tot we het nodig hebben.
Ik beloof het, één dezer neem ik mijn cameraatje mee naar buiten en dan maak ik wat fotootjes van de farm hier, maar voor nu zullen jullie het nog met tekst moeten doen.
Omdat er blijkbaar met spanning wordt uitgekeken naar de ‘eerste ervaringen’ – oh wat klinkt dat toch plechtig – hier een kort overzichtje van mijn eerste anderhalve dag hier. Na aankomst op maandag kwam er behalve van slapen niet veel meer in huis. Dinsdag was dan de eerste ‘echte’ dag.
Opstaan om halfzeven *slik* en met het uurverschil gaf mij dat het gevoel dat ik midden in de nacht uit mijn bed moest. Nu heb ik dat eigenlijk altijd wel ‘s morgens, maar goed. Blame it on the jetlag. Dan moesten de paardjes gevoederd worden. Enkel de volle merries, de jonge hensten/ruinen en de jonge merries. Diegene die niks doen, krijgen geen extra eten. Terecht, trouwens. En dan was er ook nog de pony. Dé pony, want er is er maar één, een witte connemara. Staat hier op pension. Staat binnenkort hopelijk ook in de piste met mij erop, maar dat valt nog af te wachten.
Daarna hebben we de bladeren en takken uit de piste geharkt, zodat die er mooi uitzag voor klanten die om tien uur kwamen om naar een jaarling te kijken. De jongetjes hebben we dan dichterbij gebracht en toen de potentiële klanten aankwamen, moest DvZ Très Bien alleen maar uit de wei gevist worden om zijn showtje te geven in de piste. Dat deed ie trouwens heel erg mooi, de mensen waren enthousiast.
We reden nog naar het nabijgelegen Bullsbrook om naar het postkantoor te gaan (en ik naar de ATM). Behalve dat postkantoor en de bank bleek daar ook eigenlijk niks te zien.
En toen was het namiddag en warm en was ik nog altijd gejetlagged en mijn dutje deed zoveel deugd! ‘s Avonds restte er alleen nog het eten voor de volgende dag klaar te maken, de jongetjes opnieuw in huh eigen wei te zetten en nog een kijkje te nemen bij de volle merries: rond en gezond, niks speciaals.
Vanochtend begon hetzelfde: met voederen. Toen begon Heidi plots groot alarm te slagen. Er zat blijkbaar een kangoeroe in de vijver en dan kwam het jachtinstinct boven: ze luisterde geen snars meer. Na veel roepen, gillen en een duik naar de halsband hadden we Heidi toch te pakken en kon de kangoeroe het op een huppelen zetten. Resultaat: een compleet modderige jeans. Moraal van het verhaal: een korte broek is altijd een goed idee.
Daarna ging het richting Bindoon voor inkopen en het postkantoor. Ik heb op de toeristische dienst ook enkele folders gehaald over toerisme in deze regio. Er is echt belachelijk veel te doen. Dit land is zo groot en zo veelzijdig, u hebt geen idee. Ooit ga ik toch ‘ns iets moeten kiezen, maar goed, dat zijn zorgen voor later. Voor nu blijf ik nog even hier, de eerste veulens zouden toch relatief snel moeten komen piepen!



U zegt?